$$\rightleftharpoonup{xx}$$
$$\longleftharp{xx}$$,
$$\longrightharp{xx}$$,
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) definieert psychiatrische stoornissen als een combinatie van abnormale gedachten, percepties, emoties, gedrag en interpersoonlijke relaties1. Deze aandoeningen vormen een belangrijke oorzaak van langdurige invaliditeit en sterfte2. Het brede spectrum van deze stoornissen omvat depressieve stoornis, obsessief-compulsieve stoornis (OCS), gegeneraliseerde angststoornis en bipolaire stoornis3. Hoewel er behandelingsopties zijn voor elk van deze psychische stoornissen, is de nauwkeurigheid van de diagnose van cruciaal belang om een adequate, evidence-based behandeling te bieden4.
Met betrekking tot diagnostische beoordeling bevelen verschillende richtlijnen, zoals die van het National Institute for Health & Clinical Excellence, het gebruik aan van gevalideerde beoordelingsmaatregelen die relevant zijn voor de aandoening die wordt beoordeeld5, om aanvullende informatie te verstrekken aan de clinicus6. Er zijn verschillende instrumenten voor een verscheidenheid aan psychische stoornissen7, ontwikkeld om de ernst van de symptomen of de respons op de behandeling te screenen, diagnosticeren en beoordelen 8,9. Voordat een instrument echter als adequaat wordt beschouwd, moet het nauwkeurige, valide en interpreteerbare gegevens bieden voor de te beoordelen populatie10. Belangrijk is dat de kwaliteit van de informatie over een specifiek individu afhangt van de psychometrische eigenschappen van het gebruikte instrument11. Om vooringenomenheid in het testproces te verminderen, van toepassing tot interpretatie van de resultaten, moeten psychologische metingen worden gestandaardiseerd8. Dit was de belangrijkste reden voor het opstellen van de Standaarden voor Educatieve en Psychologische Tests, als basis voor het evalueren van tests, testpraktijken en de impact van testgebruik12. Even belangrijk is het feit dat de meeste instrumenten zijn ontwikkeld in Engelstalige landen13, waardoor culturele en taalkundige aanpassing noodzakelijk is voordat ze in een nieuw land, cultuur en/of taal kunnen worden gebruikt, om gelijkwaardigheid te bereiken tussen de originele (bron) en de nieuw aangepaste (doel) versies van de vragenlijst14.
Wanneer een gevestigd instrument niet beschikbaar is in een specifieke taal of cultuur, staan onderzoekers voor de keuze tussen twee hoofdstrategieën: het ontwikkelen van een nieuw, contextspecifiek instrument of het uitvoeren van een interculturele aanpassing van een bestaande, goed gevalideerde maatregel15. Hoewel de ontwikkeling van een nieuw instrument maximale culturele specificiteit kan garanderen, is het een uiterst arbeidsintensief en tijdrovend proces dat jaren kan duren16. Daarentegen biedt de aanpassing van een gevestigd 'gouden standaard'-instrument duidelijke voordelen. Deze aanpak is vaak efficiënter en, cruciaal, het maakt het mogelijk om bevindingen uit verschillende populaties intercultureel te vergelijken, wat een primair doel is van het aanpassen van maatregelen in plaats van het creëren van nieuwe17.
De International Test Commission heeft richtlijnen ontwikkeld voor interculturele vertaling en aanpassing van psychologische instrumenten17. Vertaling kan worden beschouwd als de eerste fase van het aanpassingsproces18, en kan worden uitgevoerd met behulp van een of beide van de twee meest populaire methoden voor testvertaling: (a) vertaling en terugvertaling, of (b) twee onafhankelijke vertalingen die door een derde persoon worden vergeleken19. Het culturele aanpassingsproces vereist dat, naast een exacte vertaling, een aanpassingsproces wordt uitgevoerd om de semantische, idiomatische, ervaringsgerichte en conceptuele equivalentie tussen de oorspronkelijke maat en de daaruit ontwikkelde maten te maximaliseren14,20. Ten slotte moeten de psychometrische eigenschappen van een vertaald instrument worden geëvalueerd om ze te vergelijken met de oorspronkelijke maat in de primaire taal20. In het bijzonder is het belangrijk om de betrouwbaarheid en validiteit 8,9,21 te beoordelen, waarbij er respectievelijk voor wordt gezorgd dat het instrument resulteert in een consistente meting en dat het het beoogde constructmeet 22.
Betrouwbaarheid verwijst naar de reproduceerbaarheid van een testresultaat wanneer het op verschillende tijdstippen, in verschillende omgevingen of door verschillende interviewers is verkregen, met betrekking tot coherentie, stabiliteit, equivalentie en homogeniteit 23,24,25. Het kan worden geëvalueerd door middel van verschillende methoden, waaronder beoordelingen van test-hertest, alternatieve vormen, split-half betrouwbaarheid, evenals interne consistentie 8,22,26, om te bepalen of de metingen voldoende consistent zijn en vrij van meetfout8. Hoewel een instrument dat niet betrouwbaar is, niet geldig kan zijn, kan een betrouwbaar instrument soms ongeldig zijn10. Validiteit wordt beschouwd volgens drie categorieën27,28, namelijk inhoudsvaliditeit, constructvaliditeit en criteriumvaliditeit. Het concept van inhoudsvaliditeit heeft betrekking op de mate waarin een test adequaat de dimensie bemonstert die het bedoeld is om te meten22, terwijl constructvaliditeit, inclusief convergente en discriminante validiteit (soms aangeduid als divergente validiteit29), de mate vertegenwoordigt waarin de variantie van de maat verband houdt met de variantie van het onderliggende construct30, 31. okt. De validiteit van het criterium is gebaseerd op relaties tussen testscores9 en moet worden beoordeeld met behulp van een andere maat van hetzelfde construct, idealiter een algemeen aanvaarde maatstaf die wordt beschouwd als de gouden standaard 8,28. Deze categorie van validiteit is vooral belangrijk om te begrijpen of een maatregel kan worden gebruikt om voorspellingen en/of beslissingen te doen over patiënten25, wat het geval is bij het stellen van een diagnose.
Er zijn talloze richtlijnen voor de interculturele aanpassing van psychometrische instrumenten gepubliceerd om onderzoekers te helpen bij dit complexe proces17,32. Systematische reviews van deze literatuur hebben echter aangetoond dat er geen enkele, uniforme consensus bestaat over de beste methodologie om te volgen33. Bovendien zijn veel bestaande gidsen, hoewel waardevol, meer gericht op de initiële taalkundige vertaling dan op de even kritische daaropvolgende psychometrische validatie die nodig is om ervoor te zorgen dat een instrument ethisch verantwoord is voor klinisch gebruik19. Dit creëert een behoefte aan een gedetailleerd, repliceerbaar protocol dat zowel de aanpassing als een uitgebreide validatiefase integreert in een enkel, stapsgewijs framework.
Gestandaardiseerde onderzoekspraktijken die gericht zijn op de validatie van psychometrische metingen zijn dus essentieel. De methode die in dit artikel wordt beschreven, zal onderzoekers en clinici een gedetailleerd protocol bieden om culturele aanpassing van een psychometrische maatregel uit te voeren en, in het bijzonder, om de validiteit van het criterium voor de diagnose van een psychiatrische stoornis te beoordelen. Om lezers te helpen de toepasbaarheid ervan te beoordelen en de reproduceerbaarheid te garanderen, bevat het protocol belangrijke praktische details, zoals overwegingen met betrekking tot de steekproefomvang, de grondgedachte voor toedieningstijden van meerdere sessies en een bespreking van bekende beperkingen. Daarvoor gebruiken we als voorbeeld de validatiestudie van de Europese Portugese Yale-Brown Obsessive-Compulsive Scale-Second Edition (PY-BOCS-II)34, waarin een soortgelijk protocol werd gebruikt om de factorstructuur en criteriumvaliditeit van de PY-BOCS-II voor de diagnose van OCS bij volwassenen te verduidelijken. Daarom kan dit protocol ook worden gebruikt voor toekomstige validatiestudies van Y-BOCS-II in andere contexten of talen.